verstaan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·staan
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: verstaen
Oudnederlands: farstān
Germaans: *fura + *stānan
  • Verwant in Germaans:
West: Engels: forstand (Angelsaksisch: forstandan), Duits: verstehen, (Oudhoogduits: sehan), Fries: ferstean (Oudfries: forstān, urstān)
Noord: Zweeds: förstå, Deens/Noors: forstå
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verstaan
/vər.'stan/
verstond
/vər.'stɔnt/
verstaan
/vər.'stan/
klasse 6 volledig

Werkwoord

verstaan

  1. (overgankelijk) begrijpen van een uiting
    Versta jij daar iets van?
  2. (overgankelijk) voldoende luid kunnen horen om het te begrijpen
    Kun je iets harder praten, want ik kan je bijna niet verstaan?
Vertalingen