verrijken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·rij·ken
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| verrijken |
verrijkte |
verrijkt |
| zwak -t | volledig | |
Werkwoord
verrijken
- (overgankelijk) rijker maken
- De grond werd verrijkt met mineralen.
- (wederkerend) zich ~ vaak op oneigenlijke of verwerpelijke wijze zorgen dat men rijk wordt
- De familieleden van het bewind verrijkten zich door winstgevende opdrachten van de machthebbers.
Verwante begrippen
- verrijking, verrijkingsarbeid, verrijkingscapaciteit, verrijkingsfabriek, verrijkingsmarkt, verrijkingsstof