verrekken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·rek·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verrekken
verrekte
verrekt
zwak -t volledig

Werkwoord

verrekken

  1. (ergatief) op een miserabele wijze aan zijn einde komen
    Ze zijn daar in sneeuw en ijs van de koude en de honger langzaam verrekt.
  2. (onovergankelijk) het ~ iets ondanks alles niet doen, iets weigeren te doen
    Hij verrekt het om daar aan mee te werken.