veronderstellen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·on·der·stel·len
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| veronderstellen |
veronderstelde |
verondersteld |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
veronderstellen
- (overgankelijk) een bepaalde aanname maken
- Hij veronderstelde ten onrechte dat dit met gejuich begroet zou worden.