verloederd
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·loe·derd
Bijvoeglijk naamwoord
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | verloederd |
| verbogen | verloederde |
verloederd
- versleten, in slechte staat verkerend
- In mijn hele leven heb ik nog nooit zo'n verloederde stad gezien!
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| verloederen |
verloederd
- voltooid deelwoord van verloederen