verlenging
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA:
- (Noord-Nederland): /vər.ˈlɛ.ŋɪŋ/
- (Vlaanderen, Brabant): /vər.ˈlɛ.ŋɪŋ/
- (Limburg): /vɛr.ˈlɛ.ŋɪŋ/
Woordafbreking
- ver·len·ging
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van verlengen met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | verlenging | verlengingen |
| verkleinwoord | verlenginkje | verlenginkjes |
Zelfstandig naamwoord
verlenging v
- dat waarmee iets verlengd is
- De verlenging van de trein werd lopgekoppeld.
- het verlengen
- Na onderhandelingen met de vakbonden zal er geen verlenging van de staking zijn.
- (sport) extra speeltijd
- Tijdens de verlenging kon de thuisploeg de eindstand vastleggen.
Synoniemen
- [1] verlengstuk
Vertalingen
1. dat waarmee iets verlengd is
2. het verlengen
3. extra speeltijd
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.