verkiezen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- ver·kie·zen
Werkwoord
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| verkiezen |
verkoos |
verkozen arch.: verkoren |
| Klasse 2 | volledig | |
Niet scheidbaar
verkiezen
- iemand door een stemming een ambt doen toekomen
- president Bush werd in 2000 maar op het nippertje verkozen