vergroting
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·gro·ting
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van vergroten met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | vergroting | vergrotingen |
| verkleinwoord | vergrotinkje | vergrotinkjes |
Zelfstandig naamwoord
vergroting v
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
1. een toename in grootte