verbintenis
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ver·bin·te·nis
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | verbintenis | verbintenissen |
| verkleinwoord | verbintenisje | verbintenisjes |
Zelfstandig naamwoord
verbintenis v
- verbindende afspraak
- Feijenoord pakte door met het verlengen van een aantal verbintenissen.
- (juridisch) een rechtsverhouding, krachtens welke de ene partij (schuldenaar of debiteur) een prestatie verschuldigd is aan de andere partij (schuldeiser of crediteur)