vangst
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA:
- (Noord-Nederland): /vɑŋst/
- (Limburg): /vɑŋs/
Woordafbreking
- vangst
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | vangst | vangsten |
| verkleinwoord | vangstje | vangstjes |
Zelfstandig naamwoord
vangst v
- het vangen van iets
- De vangst van vis is erg zwaar werk.
- het gevangene, het resultaat van het vangen
- De vangst van de jacht van dit jaar was minder dan die van vorig jaar.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.