uitspraak
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- uit·spraak
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | uitspraak | uitspraken |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
- de manier waarop iemand een woord, zin of taal ten gehore brengt of zou moeten brengen
- een woord of zin door iemand uitgesproken waarin een mening wordt geuit, bewering
- het uiten, bekendmaken van een oordeel in een rechtbank
Vertalingen
1. manier waarop iets ten gehore gebracht wordt
2. woord of zin
3. veroordeling
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Verwijzingen
Afrikaans
Zelfstandig naamwoord
uitspraak