uitslag

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·slag
enkelvoud meervoud
naamwoord uitslag uitslagen
verkleinwoord uitslagje uitslagjes

Zelfstandig naamwoord

uitslag m

  1. afloop, resultaat
    De uitslag van de wedstrijd was zeer teleurstellend voor de thuisploeg.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen