uitnodiging

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·no·di·ging
enkelvoud meervoud
naamwoord uitnodiging uitnodigingen
verkleinwoord uitnodigingetje uitnodigingetjes

Zelfstandig naamwoord

uitnodiging v

  1. een verzoek om iets bij te wonen
    Hij had uitnodigingen voor het feest aan zijn beste vrienden gestuurd.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen