uitbaat
Uit WikiWoordenboek
uitbaat
- (in een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitbaten
- ... dat ik uitbaat.
- (in een bijzin) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitbaten
- ... dat jij uitbaat.
- (in een bijzin) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitbaten
- ... dat hij uitbaat.
Navigatiemenu
Persoonlijke instellingen