uil
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: uil (hulp, bestand)
- IPA:
- (Noord-Nederland): /œʏ̯ɫ/, /ʌʏ̯ɫ/
- (Vlaanderen, Brabant, Limburg): /œːl/
Woordafbreking
- uil
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | uil | uilen |
| verkleinwoord | uiltje | uiltjes |
Zelfstandig naamwoord
uil m
- (vogels) Strigiformes, een orde van roofvogels die vooral 's nachts jagen
- Noctuidae, een familie van nachtvlinders waartoe meer dan 25.000 soorten behoren
- (informeel) dom persoon
- Een uil van een vent.
Verwante begrippen
- [1] kerkuil, sneeuwuil
- [3] uilskuiken
Anagrammen
Uitdrukkingen en gezegden
- een uil vangen
een grote strop hebben
- uilen naar Athene dragen
nutteloos werk verrichten
- een uiltje knappen
een dutje doen
Vertalingen
1. Strigiformes, een orde van roofvogels die vooral 's nachts jagen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Afrikaans
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | uil | uile |
Zelfstandig naamwoord
uil