tweelicht

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • twee·licht
Woordherkomst en -opbouw
  • Vermoedelijk een zestiende-eeuwse samenstelling van twee en licht.[1]
enkelvoud meervoud
naamwoord tweelicht tweelichten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

tweelicht o

  1. de tijd van de dag waarop het licht dan wel donker wordt
    Het tweelicht komt vroeg in de winter.
  2. tussen licht en donker, op de tijd van de dag waarop het licht dan wel donker wordt
    Door het tweelicht kon hij enkel de vage contouren van zijn vrienden onderscheiden.
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. http://www.etymonline.com/index.php?term=twilight

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen