tv
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- tv
Woordherkomst en -opbouw
- Het is een initiaalwoord uit televisie.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | tv | tv's |
| verkleinwoord | tv'tje | tv'tjes |
Zelfstandig naamwoord
tv v
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor televisie
- (techniek) een elektrisch apparaat om bewegende beelden en geluid te ontvangen
- In de woonkamer staat een tv.
- een programma dat op dit apparaat getoond wordt
- Deze nieuwe samenwerking kan mooie tv opleveren.
- het communicatiemedium
- Wat is er op tv?
Synoniemen
Vertalingen
2. een elektrisch apparaat om bewegende beelden en geluid te ontvangen
Bijwoord
tv
- bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
- tv-kijken: Hij keek tv.
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.