tsunami

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tsu·na·mi
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Japanse 津波 (tsunami, "tsunami") van (tsu, "haven") en (nami, "hoge golf").
enkelvoud meervoud
naamwoord tsunami tsunami's
verkleinwoord tsunamietje tsunamietjes

Zelfstandig naamwoord

tsunami m

  1. een grote vloedgolf
    In dat gebied was laatst een grote tsunami.
Verwante begrippen
Vertalingen


Engels

Zelfstandig naamwoord

tsunami

  1. tsunami


Frans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  tsunami     le tsunami     tsunamis     les tsunamis  

Zelfstandig naamwoord

tsunami m

  1. tsunami


Spaans

enkelvoud meervoud
tsunami tsunamis

Zelfstandig naamwoord

tsunami m

  1. tsunami


Turks

Woordafbreking
  • tsu·na·mi
enkelvoud meervoud
nominatief   tsunami     tsunamiler  
genitief   tsunaminin     tsunamilerin  
datief   tsunamiye     tsunamilere  
accusatief   tsunamiyi     tsunamileri  
locatief   tsunamide     tsunamilerde  
ablatief   tsunamiden     tsunamilerden  

Zelfstandig naamwoord

tsunami

  1. tsunami