tronie

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tro·nie
Woordherkomst en -opbouw
  • Ontleend uit het Frans trogne (15e eeuw), oorspronkelijk van Gallisch trugna, vgl. Welsh trwyn.
enkelvoud meervoud
naamwoord tronie tronies
verkleinwoord tronietje tronietjes

Zelfstandig naamwoord

tronie v

  1. (anatomie), (pejoratief) gezicht
    Hij kreeg een welverdiende mep op z'n tronie.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen