trek
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- trek
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | trek | trekken |
| verkleinwoord | trekje | trekjes |
Zelfstandig naamwoord
trek m
- iets dat iemand karakteriseert
- Dat is echt een trekje van die familie
- (biologie) de reis die een soort afhankelijk van de seizoenen aflegt
- De trek is nog niet begonnen.
- verlangen naar eten
Synoniemen
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| trekken |
trek