toevoeging
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: toevoeging (hulp, bestand)
Woordafbreking
- toe·voe·ging
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van toevoegen met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | toevoeging | toevoegingen |
| verkleinwoord | toevoeginkje | toevoeginkjes |
Zelfstandig naamwoord
toevoeging v
- datgene wat met een groter geheel verenigd wordt
- Hij maakte bij herlezing van zijn brief nog een kleine toevoeging.