toetreden
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- toe·tre·den
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| toetreden |
trad toe |
toegetreden |
| klasse 5 | volledig | |
Werkwoord
toetreden
- (ergatief) ~ tot: lid worden van een organisatie
- Estland is onlangs toegetreden tot de eurozone.