tentoonspreiden
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ten·toon·sprei·den
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| tentoonspreiden |
spreidde tentoon |
tentoongespreid |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
tentoonspreiden
- laten zien
- In zijn boek tentoonspreidt de schrijver zijn bekwaamheid en kennis over de geschiedenis van het land.