telemark

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • te·le·mark

Niet in de woordenlijst van de Taalunie

Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord telemark -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

telemark v / m

Zelfstandig naamwoord

telemark

  1. (sport) sierlijke afdaaltechniek bij het skiën, waarbij de hiel los is van de ski en waarbij de knieën om beurten gebogen worden
Vertalingen

Meer informatie