tegenspreken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- te·gen·spre·ken
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| tegenspreken |
sprak tegen |
tegengesproken |
| klasse 4 | volledig | |
Werkwoord
tegenspreken
- zich met woorden verzetten
Vertalingen
1. zich met woorden verzetten