tafereel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ta·fe·reel
enkelvoud meervoud
naamwoord tafereel taferelen
verkleinwoord tafereeltje tafereeltjes

Zelfstandig naamwoord

tafereel o

  1. een gebeurtenis of situatie.
    Hij zag het tafereel voor zijn ogen gebeuren.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen