téléphones
Uit WikiWoordenboek
Frans
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| téléphoner |
téléphones
- tweede persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van téléphoner
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van téléphoner