superieur
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- su·pe·ri·eur
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | superieur | superieuren |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
superieur m
- iemand van hogere rang in een organisatie, baas, chef, meerdere
- Zijn superieuren waren daar niet tevreden mee.
- letter of cijfer boven de regel
Vertalingen
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | superieur |
| verbogen | superieure |
Bijvoeglijk naamwoord
superieur
- van hogere status of kwaliteit
- Het bedrijf boekte veel succes met de superieure accu die zij ontwikkeld hadden.
- (pejoratief) zich van hogere status of kwaliteit wanend
- Die superieure toon van hem hangt me al lang de keel uit.
- hoger op de regel geplaatst
Antoniemen
- [1] inferieur