stukslaan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stuk·slaan
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stukslaan
sloeg stuk
stukgeslagen
klasse 6 volledig

Werkwoord

stukslaan

  1. (overgankelijk) slaan tot iets breekt
    De inbreker had een ruitje stukgeslagen.
  2. (ergatief) gebroken raken
    Het schip was op de rotsen stukgeslagen.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen