stug

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stug
1 stellend vergrotend overtreffend
onverbogen stug stugger stugst
verbogen stugge stuggere stugste

Bijvoeglijk naamwoord

2 stellend
onverbogen stug
verbogen (alleen
predicaat)

stug

  1. weinig meegevend, weerbarstig
    Het valt niet mee die stugge vacht te borstelen.
  2. weinig waarschijnlijk, niet te geloven
    Dat lijkt me echt stug.
  3. (met name van personen) stijf, niet tegemoetkomend, stuurs
    De stugge houding van de vakbonden.
Anagrammen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen