strijden
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
| naamwoord van handeling | |
|---|---|
| zelfstandig | bijvoeglijk |
| strijden | strijdend |
| strijd | gestreden |
| - | strijdbaar |
Uitspraak
Woordafbreking
- strij·den
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| strijden |
streed |
gestreden |
| klasse 1 | volledig | |
Werkwoord
strijden
- (inergatief) ondanks weerstand een doel proberen te bereiken
- Er werd zwaar gestreden om het bezit van Stalingrad.
Vertalingen
1. ondanks weerstand een doel proberen te bereiken
Zelfstandig naamwoord
strijden mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord strijd