strijdbaar
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- strijd·baar
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | strijdbaar | strijdbaarder | strijdbaarst |
| verbogen | strijdbare | strijdbaardere | strijdbaarste |
Bijvoeglijk naamwoord
strijdbaar
- in staat om te strijden
- De oude, maar nog zo strijdbare vrouw stond vooraan bij de demonstratie.