streven
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- stre·ven
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| streven |
streefde |
gestreefd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
streven
- in voortgaande beweging zijn (vaak in figuurlijke zin)
- Als hij zo doorgaat, streeft hij ons nog voorbij.
- een doel willen bereiken
- Wij streven naar verbetering van ons eigen record.
Synoniemen
Antoniemen
- [1]stilstaan
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Vertalingen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | streven | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
- het willen bereiken van een doel
- Zijn streven naar aanzien kwam hem duur te staan.