stokpaard
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- stok·paard
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | stokpaard | stokpaarden |
| verkleinwoord | stokpaardje | stokpaardjes |
Zelfstandig naamwoord
stokpaard o
- een stuk speelgoed bestaande uit een meestal houten paardenhoofd aan een stok waarmee kinderen paardje konden rijden
- (figuurlijk) een gespreksonderwerp dat iemand steeds maar weer ter sprake brengt
- Hij heeft het over de tijd van voor de oorlog. z'n stokpaardje.
Opmerkingen
- [2] Doorgaans bezigt men in dit geval de verkleinvorm "stokpaardje"
Hyperoniemen
- [1] kinderspeelgoed
Verwante begrippen
- [1] hobbelpaard
Vertalingen
1. een stuk speelgoed
2. een favoriet gespreksonderwerp
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.