stokpaard

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stok·paard
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stokpaard stokpaarden
verkleinwoord stokpaardje stokpaardjes

Zelfstandig naamwoord

stokpaard o

  1. een stuk speelgoed bestaande uit een meestal houten paardenhoofd aan een stok waarmee kinderen paardje konden rijden
  2. (figuurlijk) een gespreksonderwerp dat iemand steeds maar weer ter sprake brengt
    Hij heeft het over de tijd van voor de oorlog. z'n stokpaardje.
Opmerkingen
  • [2] Doorgaans bezigt men in dit geval de verkleinvorm "stokpaardje"
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen