stil

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stil
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen stil stiller stilst
verbogen stille stillere stilste

Bijvoeglijk naamwoord

stil

  1. geen of weinig geluid producerend
  2. onbeweeglijk
  3. rustig, kalm
Antoniemen
Typische woordcombinaties
  • [1]: stille motoren
  • [1]: een stil wegdek
  • [2]: Sta stil!
  • [3]: stille revolutie
Vertalingen

Bijwoord

stil

  1. op stille wijze
    Stil maakte hij zijn examen af en leverde het in.
  2. bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
    stilvallen: Plotseling viel de wind stil.


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • stil
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse naamwoord still (= schrijfwijze), dat van het Latijnse naamwoord stilus (= stylus, griffel) komt
Naar frequentie 1765
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   stil     stilen     stiler     stilene  
genitief   stils     stilens     stilers     stilenes  

Zelfstandig naamwoord

stil m

  1. stijl
  2. (kunst) stijl, stroming
  3. (sport) houding
  4. opstel
Hyperoniemen
Typische woordcombinaties
  • [1]: en kirke i romansk stil
een kerk in de Romaanse stijl
  • [1]: opptre med stil og eleganse
optreden met stijl en elegantie
  • [3]: skrive norsk stil
een Noors opstel schrijven


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • stil
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse naamwoord still (= schrijfwijze), dat van het Latijnse naamwoord stilus (= stylus, griffel) komt
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   stil     stilen     stilar     stilane  

Zelfstandig naamwoord

stil m

  1. stijl
  2. (kunst) stijl, stroming
  3. (sport) houding
  4. opstel