stijging

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stij·ging
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stijging stijgingen
verkleinwoord stijginkje stijginkjes

Zelfstandig naamwoord

stijging v

  1. het stijgen, het hoger worden.
    De stijging van de kosten werd gecompenseerd door een toename van de omzet.
Antoniemen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen