stelen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ste·len
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
stelen
stal
gestolen
klasse 4 volledig

Werkwoord

stelen

  1. (overgankelijk) iets wegnemen van iemand en het zich wederrechtelijk toe-eigenen
    Het bleek dat zijn mobieltje gestolen was door Ronald.
Synoniemen
Vertalingen

Zelfstandig naamwoord

stelen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord steel
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen