station

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken
Station Zwijndrecht.jpg

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sta·ti·on
enkelvoud meervoud
naamwoord station stations
verkleinwoord stationnetje stationnetjes

Zelfstandig naamwoord

station o

  1. plaats waar voertuigen (met name treinen) kunnen stoppen voor het in- en uitstappen van reizigers en het in- en uitladen van goederen.
Vertalingen

Meer informatie


Zweeds

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

station g

  1. station
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   station     stationen     stationer     stationerna  
genitief   stations     stationens     stationers     stationernas  
Verwante begrippen
Persoonlijke instellingen