stamper

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • stam·per
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord stamper stampers
verkleinwoord stampertje stampertjes

Zelfstandig naamwoord

stamper m

  1. (ook (huishouden)) instrument waarmee men iets fijnstampt
  2. in het bijzonder in samenhang met het gebruik van een vijzel -> vijzelstamper
  3. (biologie) zich in het midden van de bloem bevindend vrouwelijk orgaan, dat bestaat uit vruchtbeginsel, stijl en stempel
  4. iemand die stampt
  5. (muziek) sterk ritmische melodie -> discostamper, soulstamper
  6. (militair) laadstok van een ouderwets vuurwapen
    stamper bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie