staafje

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • staaf·je

Zelfstandig naamwoord

staafje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord staaf
  2. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord staf