spie
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- spie
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | spie | spieën |
| verkleinwoord | spietje | spietjes |
Zelfstandig naamwoord
- (techniek) een plat of rond, toelopend voorwerp dat wordt gebruikt om iets stevig mee vast te zetten, of bijv. een stuk hout te kloven
- De steigerpijpen worden met spieën vastgezet.
- (techniek) een stukje metaal dat in een groef van een (motor-) as ligt opgesloten, om verdraaiing te verhinderen.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
- [1] keg, keilbout, klemverbinding, wig
- [2] aandrijfas, borgpen, luns, splitpen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | spie | spiezen |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
[B] spie v
- (spreektaal) een cent
Uitdrukkingen en gezegden
- [3]: geen spie meer hebben
geen cent meer hebben, blut zijn
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.