spanning
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- span·ning
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | spanning | spanningen |
| verkleinwoord | spanninkje | spanninkje |
Zelfstandig naamwoord
spanning v
- opgeslagen mechanische energie.
- Er staat grote spanning op deze boog.
- een toestand van grote aandacht, meestal bij onzekerheid over de afloop van een gebeurtenis.
- Tegen het eind van de wedstrijd was de spanning onder het publiek te snijden.
- potentiële energie van elektrische aard.
- Een over een thermokoppel aangelegd temperatuurverschil genereert een meetbaar spanninkje.
Synoniemen
- [3]: potentiaal
Antoniemen
- [2]:ontspanning
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. mechanische spanning
3. elektrische spanning