spaargeld
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- spaar·geld
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | spaargeld | |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
spaargeld o
- (financieel) het deel van iemands kapitaal dat bewaard wordt voor de toekomst