snoeien

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • snoei·en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
snoeien
snoeide
gesnoeid
zwak -d volledig

Werkwoord

snoeien

  1. (overgankelijk) planten terugbrengen op gewenste lengte
    Hij was de haag aan het snoeien om ervoor te zorgen dat hij niet over de weg zou gaan groeien.
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen