sluipen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA:
- (Noord-Nederland): /ˈslœʏpə(n)/
- (Vlaanderen, Brabant, Limburg): /ˈslœːpə(n)/
Woordafbreking
- slui·pen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| sluipen |
sloop |
geslopen |
| klasse 2 | volledig | |
Werkwoord
sluipen
- (ergatief) zeer voorzichtig lopen, op zo'n manier dat ontdekking vermeden kan worden
- Hij sloop de trap op in de hoop dat zijn ouders niet zouden merken dat hij te laat thuis kwam.
Vertalingen
1. zeer voorzichtig lopen, op zo'n manier dat ontdekking vermeden kan worden