slot
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- slot
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | slot | sloten |
| verkleinwoord | slotje | slotjes |
Zelfstandig naamwoord
slot o
- mechanisme waarmee in combinatie met een sleutel een deur of een raam kan worden afgesloten
- (bouwkunde) een middeleeuwse versterkte woning, ook wel kasteel of burcht genoemd
- einde
Synoniemen
Vertalingen
1. mechanisme waarmee in combinatie met een sleutel een deur of een raam kan worden afgesloten
|
|
2. een middeleeuwse versterkte woning