slaaf
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- slaaf
Woordherkomst en -opbouw
- Van laat-Latijn sclavus - «Slavische gevangene» (vgl. laat-Oudgrieks: Ἐσκλαβήνος). De herkomst van 'Slavisch' is onduidelijk.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | slaaf | slaven |
| verkleinwoord | slaafje | slaafjes |
Zelfstandig naamwoord
slaaf m
- een persoon die het bezit is van een ander
- Zij waren weinig meer dan slaven.
Vertalingen
1. een persoon die het bezit is van een ander
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Afrikaans
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | slaaf | slawe |
Zelfstandig naamwoord
slaaf