semester

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • se·mes·ter
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse semestris, wat weer een samenstelling is van sex (zes) en mensis (maand). Wij hebben het woord geleend via het Duitse Semester.
enkelvoud meervoud
naamwoord semester semesters
verkleinwoord semestertje semestertjes

Zelfstandig naamwoord

semester o

  1. (tijdrekening), (eenheid) (in een opleiding) een half jaar.
    Het semester was voor hun gevoel erg snel voorbij.
Verwante begrippen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen