seinen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- sei·nen
Zelfstandig naamwoord
seinen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord sein
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| seinen |
seinde |
geseind |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
seinen
- het geven van een, meestal hoor- of zichtbaar, signaal
- Waarom seinde die tegenligger met z'n grootlicht naar mij?
- (techniek), (elektronica) het teken voor teken overbrengen van een bericht, meestal over grote afstand via kabel- of radioverbinding
- Telegrafisten seinden de berichten met een snelheid van z'n 25 tot 40 woorden per minuut.
Synoniemen
- [1] beduiden, waarschuwen
- [2] telegraferen
Afgeleide begrippen
- [1] inseinen
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
- iemand een seintje geven
behoedzaam iemand waarschuwen
- iemand inseinen
iemand ergens over inlichten
Vertalingen
1. een geven van een teken