schoonzus

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • schoon·zus
enkelvoud meervoud
naamwoord schoonzus schoonzussen
verkleinwoord schoonzusje schoonzusjes

Zelfstandig naamwoord

schoonzus v

  1. (familie) de echtgenote van iemands broer of zus, of de zus van iemands echtgenoot of echtgenote
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen